Over het welzijn van vissen is van oudsher veel minder bekend dan over het welzijn van boerderijdieren, maar bij ASC wordt hard gewerkt aan het opstellen van nieuwe eisen om het welzijn van kweekvissen te waarborgen. Het is bemoedigend om te zien dat de belangstelling voor dit onderwerp steeds meer toeneemt.

Door Janneke Aelen, coördinator viswelzijn bij ASC

Toen ik voor het eerst een blog op deze website postte, was ik net begonnen bij ASC. Ik stond op het punt om aan een project te beginnen waarin  de welzijnsbehoeften van vissen gedifinieerd worden om bijbehorende welzijnscriteria te kunnen ontwikkelen. Sindsdien hebben we niet stilgezeten: we hebben een technische werkgroep opgericht en verschillende kennisdocumenten met betrekking tot vissenwelzijn zijn geproduceerd, die onderwerp van de eerste publieke consultatie over dit onderwerp waren.

Dit is dan ook een uitstekend moment om jullie bij te praten over ons viswelzijnsproject, na een productieve bijeenkomst van de technische werkgroep afgelopen week. Deze werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van uiteenlopende organisaties en met verschillende achtergronden. Zo zijn dierenwelzijnsgroepen, wetenschappers en producenten bijvoorbeeld lid (zie hieronder).

Het oprichten van deze groep is een belangrijke eerste stap voor het dierenwelzijnsproject. Het belang hiervan kan niet genoeg worden benadrukt, omdat we op deze manier met meerdere belanghebbenden kunnen samenwerken aan de ontwikkeling en beoordeling van onze ASC-normen. Zo zorgen we ervoor dat we in ons programma rekening houden met alle standpunten en gebruik maken van alle kennis binnen en buiten de sector.

Ik ben zelf erg blij met de groep enthousiaste deskundigen die we voor dit project hebben samengebracht. Hun inzet, kennis en bijdrage zijn van onschatbare waarde.

De ASC-normen bevatten al een aantal eisen op het gebied van viswelzijn, zoals waterkwaliteit, beheersplannen voor visgezondheid en de hoeveelheid zuurstof in het water. Maar bij het ASC gaan we nog verder! In dit project willen we recente kennis implementeren en met meer specifieke en gerichte eisen welzijn bevorderen.

Divers en complex

We werken altijd met de nieuwste wetenschappelijke inzichten, maar wat betreft viswelzijn is dit gemakkelijker gezegd dan gedaan. Onderzoek op dit gebied is simpelweg zeer versnipperd en voor veel soorten nog dun gezaaid.

Heel vaak (ook in deze blog) gebruiken we het woord vis voor een onvoorstelbare reeks dieren met zeer uiteenlopende kenmerken en behoeften. Maar je kunt een zalm niet als een pangasius behandelen – een koe behandel je tenslotte ook niet als een kip. Een koe en een kip zijn trouwens nauwer verwant dan een zalm en een pangasius!

ASC heeft normen voor allerlei soorten, van de tropische baramundi (hierboven) tot zalm en garnalen. En allemaal met hun eigen welzijnsbehoeften

Door deze diversiteit en complexiteit heeft het weinig zin om viswelzijn voor alle soorten op dezelfde manier aan te pakken. In sommige kringen wordt de nadruk bijvoorbeeld gelegd op de visdichtheid: dat is eenvoudig in beeld te brengen en ligt dicht bij de belevingswereld van mensen. Wij mensen vinden niets vervelender dan in de spits samengepakt in een trein te staan. Als campagnevoerders hierover beginnen, kunnen we ons dus goed voorstellen waarom dit belangrijk is voor het welzijn van vissen. Helaas is de waarheid toch wat ingewikkelder. Natuurlijk is het schadelijk voor vissen als ze met te veel dicht op elkaar moeten leven, maar voor sommige vissoorten kan een te lage dichtheid ook schadelijk zijn. We moeten hier meer inzicht in krijgen en een meer holistische aanpak kiezen waarbij we rekening houden met wat vissoorten echt nodig hebben.

Onderzoek was dus het uitgangspunt voor ons ambitieuze project. We maken gebruik van een uitgebreide verzameling documenten met biologische feiten over alle ASC-soorten met een nauwkeurige beschrijving van de huidige welzijnsproblemen bij het kweken ervan. Deze documenten zijn op basis van grondig onderzoek opgesteld door de experts van de Fish Ethology and Welfare Group en we zullen onze toekomstige beslissingen hierop baseren.

Over wat voor beslissingen het dan gaat? Nou, we weten al dat we zeker naar de volgende kwesties zullen kijken:

  • vervoer
  • verwerking
  • opsluiting
  • de juiste visdichtheid, d.w.z. niet te veel of te weinig
  • waterkwaliteit
  • slachtmethoden

Vijf vragen

Tijdens de bijeenkomst van afgelopen week hebben we onszelf vijf vragen gesteld. Op basis van deze vragen besluiten we hoe we dit uitgebreide en soms verwarrende onderwerp kunnen benaderen zonder ons doel uit het oog te verliezen, namelijk allesomvattende indicatoren opstellen voor alle ASC-soorten om viswelzijn naar een hoger plan te tillen. Deze vijf vragen zijn:

  • Wat is een goede methode om viswelzijn te meten en beoordelen?
  • Wat zijn de welzijnsprioriteiten voor aquacultuursystemen binnen de scope van het ASC?
  • In hoeverre zijn deze welzijnskwesties van toepassing op de verschillende soorten binnen ASC­certificering?
  • Hoe kunnen we deze methoden en welzijnsprioriteiten omzetten in valide en controleerbare indicatoren?
  • Hoe kunnen we verder gaan met kwesties die nu nog buiten de scope van het ASC­programma vallen?

Bij het ASC willen we het opstellen van nieuwe normen niet overhaasten, omdat we streven naar volledigheid en samenwerking. Er is al een eerste inspraakronde geweest om de richting van het project te bepalen en er volgt later in het proces, waarschijnlijk volgend jaar, nog een publieke consultatie zodra we een aantal indicatoren hebben opgesteld. Groepen of individuele belanghebbenden kunnen dan feedback geven op de voorgestelde aanbevelingen. Natuurlijk nodigen we andere dierenwelzijnsgroepen uit om hun zegje te doen, maar we vinden het juist ook belangrijk om te horen wat jullie als publiek ervan vinden.

We zijn blij om te zien dat het welzijn van vissen de aandacht begint te krijgen die het verdient. En we zijn trots dat mede dankzij ons onderzoek belanghebbenden overal ter wereld meer inzicht krijgen in wat belangrijk is voor het welzijn van verschillende vissoorten. Zoals altijd houden we je op de hoogte van de voortgang van dit belangrijke project en ik kijk er nu al naar uit om te horen wat je vindt van de indicatoren waar de werkgroep mee bezig is!

Wil je meer weten over dit onderwerp? Luister dan naar onze recente podcast over viswelzijn.

Leden van de technische werkgroep

  • Pablo Almazan Rueda, senior onderzoeker, CIAD Mazatlán Unit
  • Culum Brown, professor visbiologie aan de Macquarie University Sydney
  • Victoria Camilieri-Asch, postdoctoraal onderzoeker bij het QUT Centre for Transformative Biomimetics in Bioengineering en adjunct-onderzoeker aan het UWA Oceans Institute
  • Paul Hardy-Smith, hoofdveterinair/managing director, Panaquatic Health Solutions Pty Ltd
  • Sunil Kadri, CEO bij Aquaculture Innovation; honorair hoogleraar aan het Institute of Aquaculture Stirling; honorair adjunct-hoogleraar aan de Universidad Austral de Chile; voorzitter van STIM Scotland; directeur internationale bedrijfsontwikkeling, Bluegrove/CageEye
  • Dennis Lohmann, hoofd productmanagement vis, Baader
  • Catarina Martins, hoofd technologie en duurzaamheid, Mowi
  • Priya Motupalli, hoofd duurzame landbouw, IKEA
  • Arve Nilsen, onderzoeker, aquacultuur, wilde vis en viswelzijn aan het Noors veterinair instituut
  • Michail Pavlidis, professor aan de Universiteit van Kreta
  • Ramesh Perrera, onafhankelijk consultant
  • Tommaso Petochi, onderzoeker, ISPRA – Italiaans nationaal instituut voor milieubescherming en onderzoek
  • Rohana Subasingue, onafhankelijk consulent
  • Hans van de Vis, senior wetenschapper viswelzijn aan Wageningen University & Research
  • Douglas Waley, leider viswelzijnsprogramma bij Eurogroup for Animals – EU-lobbygroep die bestaat uit een groot aantal internationale ngo’s op het gebied van dierenwelzijn
Published on
Monday, 02 November 2020
×
×
Confidental Infomation